artikel afdrukken
bionieuws 3, 14-02-2015

stelling
‘Huisdierenlijst is eerste stap’

Door Gert van Maanen
© bionieuws


Na jaren discussie heeft staatssecretaris Sharon Dijksma de eerste lijst van 99 zoogdiersoorten bekendgemaakt die Nederlanders vanaf 1 februari als huisdier mogen houden. Voor 33 soorten gelden alleen algemene regels, voor 48 soorten zijn er specifieke houderijvoorschriften. Alleen negentien soorten muntjaks en spiesherten kwamen niet door de ballotage. Voor eigenaren die een huisdier hebben dat niet meer is toegestaan komt een overgangsregeling. Ze mogen niet meer met het dier fokken, maar het wel houden tot het overlijdt. Bionieuws tekende enkele inzichten op over de zin en achtergronden van deze Positieflijst Zoogdieren.

Hans Hopster, dierwelzijnsonderzoeker bij Wageningen UR Livestock Research en lector Welzijn van dieren bij Hogeschool Van Hall Larenstein, tevens projectleider van de Positieflijst Zoogdieren:
‘Het is heel goed dat de lijst nu helderheid biedt over wat we als samenleving wel en niet acceptabel vinden. Er zijn in totaal zo’n 5400 zoogdiersoorten, waarvan Nederlandse burgers er volgens onze inventarisatie 461 houden. De publicatie van de lijst maakt in ieder geval duidelijk dat daar paal en perk aan gesteld wordt. Er is veel onrust over en er is natuurlijk niet voor niets bijna 23 jaar over gesproken. Dit is een belangrijke stap, beleid gaat altijd in stappen. Je springt nooit in een keer van de vloer op de zolder. Allengs zal de lijst beter toegesneden raken op de Nederlandse situatie. We hebben nu een goede systematiek, waarbij we alle beschikbare informatie gebruiken om tot een gedragen oordeel te komen over de risico’s voor gezondheid en welzijn van de betreffende dieren en het risico op letsel en zoönosen voor de mens. Wetenschap en praktijk zijn daardoor voldoende betrokken, dat levert een prachtig leerproces op. Het bestaan van de lijst en de koppeling met soortspecifieke houderijvoorschriften stimuleert mensen weloverwogen keuzes te maken om dieren wel of niet te gaan houden. Hiermee alleen al voorkom je problemen. Een prairiehond ziet er op YouTube leuk uit, maar ziet geen diepte en kan daardoor in huis raar vallen en breuken oplopen. Nog afgezien van zijn aandrang tot knagen en graven. Wil je zo’n dier echt in huis halen?’

Vilmar Dijkstra van de Zoogdiervereniging in een reactie op Natuurbericht.nl:
‘Dankzij deze lijst mogen de meeste uitheemse soorten niet meer gehouden worden en dat gaat veel dierenleed voorkomen. Ook verkleint dit problemen met concurrentiekrachtige soorten (zogenaamde invasieve exoten), die zich in het wild vestigen en inheemse soorten verdringen of andere schade veroorzaken.

‘Op de positieflijst staan maar liefst 21 eekhoornsoorten die onder bepaalde voorwaarden gehouden mogen worden. Dat is aanzienlijk meer dan de acht soorten waar eerder sprake van zou zijn. Van deze soorten is niet altijd bekend in hoeverre ze zich in het wild in Nederland kunnen vestigen en of ze in dat geval schade kunnen veroorzaken. De selectie van soorten voor de positieflijst is namelijk niet verricht op invasiviteit, maar op dierenwelzijn en volksgezondheid. De rijksoverheid zou er goed aan doen ook invasiviteit als criterium te gebruiken en deze lijst daarop aan te passen.’

Elsbeth Stassen, hoogleraar dier en samenleving in Wageningen:
‘In het begin is er nog de discussie geweest of het geen negatieflijst moest zijn. Er is voor een positieve benadering gekozen. Hoewel het goed is te beseffen dat het houden van dieren eigenlijk altijd gevolgen heeft voor het dier en dus ook morele implicaties heeft. Uit ons onderzoek blijkt dat mensen erkennen dat dieren een bijzondere waarde hebben en elk dier recht heeft op zorg, bescherming en leven. Voorheen hadden huisdieren vooral een praktisch doel: als trekdier, voor de jacht of voor de productie van vlees en melk. Het houden van dieren voor het plezier is steeds belangrijker geworden en je ziet ook steeds vaker dat niet-gedomesticeerde dieren worden gehouden. Het in huis halen van wilde en exotische dieren is niet vanzelfsprekend. Zo’n lijst bevestigt dat er een spanningsveld zit tussen het plezier dat wij aan dieren beleven en de wensen of behoeften van het dier zelf. Bovendien gaat het vaak om dieren die lang leven, dus het doet er echt toe als er iets niet goed gaat. Ik ben eigenlijk wel positief over de positieflijst.’

Hans Hopster:
‘Natuurlijk is er het gevoel van inbreuk op de vrijheid van burgers. Toch past dit wel in de tijdgeest. Ook bij circusdieren maakt de staatssecretaris nu de afweging dat een egocentrisch motief als vermaak niet altijd opweegt tegen de inbreuk op welzijn en integriteit van betrokken dieren. Bij huisdieren speelt iets dergelijks: mensen hebben niet alleen plezier aan het houden van een dier, dieren zijn deel van hun identiteit. Mensen die een dier houden waar volgens de lijst soortspecifieke houderijvoorschriften voor gelden, doen dat veelal omdat ze het allerbeste met het dier voorhebben. Dat ze zich nu moeten registreren zou dan geen bezwaar moeten zijn. Nu ook snel een positieflijst voor vogels, reptielen en vissen invoeren, lijkt me enorme klus. Ik zou de staatssecretaris adviseren eerst drie tot vijf jaar met de Positieflijst Zoogdieren te experimenteren. Alleen qua omvang van het aantal vogel-, reptiel- en vissoorten wordt dat nog een omvangrijke mer ŕ boire.’