artikel afdrukken
bionieuws 15, 01-10-2011

recensie
Lichtpuntjes in een ecologisch tranendal

Door Arno van 't Hoog
© bionieuws


Enige zelfspot kan Frank Berendse niet worden ontzegd. ‘Dit is een somber boek. Bovendien is het niet compleet.’ Zo begint de Wageningse hoogleraar natuurbeheer en plantenecologie het voorwoord van Natuur in Nederland. ‘Althans, die zinnen had ik in gedachte, toen ik besloot dit verslag te schrijven. Ik had mij voorgenomen een laatste reeks van wandelingen door Nederland te maken om afscheid te nemen van de natuur waarmee ik was opgegroeid. Het is anders gelopen.’

Natuur in Nederland is helemaal geen zwartgallig boek geworden, eerder een poëtische aansporing om vooral te gaan genieten van het vaderlandse landschap. Want er is nog zoveel moois te zien naast het ‘dode’ boerenland, waarover de auteur geruchtmakende studies heeft gepubliceerd. In tien hoofdstukken beschrijft Berendse evenzoveel karakteristieke Nederlandse landschappen, zoals kust, rivierenland, hoogvenen en steden. Ook kan de lezer routebeschrijvingen downloaden via http://www.natuurinnederland.nl.

Ieder landschap brengt Berendse als een prettig verhaal. Dat begint voor de hoge zanden van de Veluwe in een ver verleden met kruiende gletsjers en stuwwallen. Dan loopt het verhaal via menselijke ontginning naar natuurbeheer in het heden. Het knappe daarbij is dat de geschiedschrijving altijd functioneel is: inzicht in het verleden doet je begrijpen waarom het hedendaagse landschap er zo uitziet, en de ene soort juist daar groeit waar de andere het niet volhoudt.

Maakbaarheidswensen
Berendse toont het reliëf dat ijs en smeltwater achterlieten, gevolgd door de verschraling van het landschap door schapenteelt vanaf de middeleeuwen, de zandverstuivingen en de aanplant van grove den. De huidige ecologie van sommige delen van de Veluwe is daarvan het zichtbare gevolg. ‘De lage plantaardige productie – en daarmee de lage dichtheid van rupsen en andere planteneters – staat hier geen hoge dichtheid van vogels toe.’ En bomen houden fotosyntheseproducten over omdat het aan voldoende stikstof ontbreekt om er nieuwe plantendelen van te groeien. ‘Er zijn veel paddenstoelen die van dit suikeroverschot profiteren. Wanneer je de suikertoevoer naar de wortels afsnijdt door de boom te ringen, zijn de mycorrhizapaddestoelen snel verdwenen.’

Moderne maakbaarheidswensen vormen tegenwoordig mede het Nederlandse landschap. Berendse schrijft met lichte ironie over alle goede bedoelingen. In de ‘oernatuur’ van de Oostvaardersplassen kreeg de vlier de overhand. ‘Dat paste niet in het concept. Er moest een dier komen dat ook Vlieren vrat. In 1992 werden enkele tientallen Edelherten aangevoerd.’ Over de herintroductie van het korhoen op de Veluwe: ‘Het grootste deel van de tamme vogels werd binnen enkele dagen geslagen door de Havik. De enkele hoender die overleefde vloog naar het aangrenzende terrein van Natuurmonumenten, dat principieel tegen het uitzetten van verdwenen vogelsoorten is.’

Berendse kan ook goed observeren en dat maakt dat het boek bij vlagen een prettig scherp randje heeft. Zo hoor je geregeld ‘het vrolijke geluid van motorzaag en bulldozer’ in terreinen waar men stuifzanden wil herstellen. ‘De meest typische stuifzandvogel is de Duinpieper (Anthus campestris), maar ondanks alle herstelmaatregelen is deze soort, in het jaar 2000 nog met vijftig broedparen op de Veluwe aanwezig, nu vrijwel geheel verdwenen. De effecten van de voortdurende verstoringen door natuurbeheerders die het stuifzandecosysteem willen restaureren, zijn nog steeds niet onderzocht.’

Toch is het overgrote deel van Natuur in Nederland een enthousiaste ode aan de schoonheid van de natuur. Het boek is zowel een verhalende wandelgids als een romantische tijdreis naar het landschap van Berendses jonge jaren bij de Jeugdbond voor Natuurstudie. Dat gevoel wordt versterkt door het ouderwets aandoende hoofdlettergebruik bij soortaanduidingen en de prachtige aquarellen van Ed Hazebroek.

De natuurpoëzie van Frank Berendse doet de rest. ‘Wanneer we terugkeren van onze tocht door het mulle zand zie ik heel hoog een Boomvalk (Falco subbuteo) zweven. Door de kijker kun je heel mooi zien dat hij een libel in zijn klauwen heeft. Eén korte ruk met zijn kop en twee glazen libellenvleugels dwarrelen langzaam naar beneden door de blauwe zomerlucht.’

Natuur in Nederland
Frank Berendse
KNNV Uitgeverij
ISBN 9789050113762
304 pag, 29,95 euro (actieprijs t/m 31 december 24,95)