artikel afdrukken
bionieuws 18, 13-11-2010

brieven
Paddenstoelen met naaldbossen bedreigd

Door Peter-Jan Keizer, Nederlandse Mycologische Vereniging
© bionieuws


Nederlandse naaldbossen wijken massaal voor andere typen bos en vegetatie. Ze zouden lage natuurwaarden hebben. Maar voor paddenstoelen gaat deze stelling niet op. De Nederlandse Mycologische Vereniging vraagt in een brochure aandacht voor naaldbossen en de paddenstoelen die daar leven. Stel eerst goed de bestaande natuurkwaliteit vast, pleit de vereniging, en betrek deze vervolgens in de afweging voor eventuele veranderingen.

Wie het bezoekerscentrum van Staatsbosbeheer bij de duinen van Schoorl betreedt, kan daar leren dat begin vorige eeuw het zandmonster bedwongen moest worden door de aanplant van dennenbossen. Helaas – aldus de teksten – zitten we nu met al dat naaldbos in onze maag. Maar daar wordt aan gewerkt: de dennenbossen worden vervangen door natuurlijker bos met loofbomen. Ook is in het bezoekerscentrum jaarlijks een tentoonstelling van paddenstoelen te bewonderen. En die worden voor een groot deel verzameld in… dennenbossen.

Staatsbosbeheer lijkt niet te beseffen dat het met het weghalen van het dennenbos de eigen schatkamer leeggooit. Dit jaar was bijvoorbeeld langs de schelpenpaden een ware explosie van de zeldzame en bedreigde melkboleet te bewonderen. Klopt dat beeld van biologisch lege naaldbossen wel?

De negatieve waardering voor naaldbossen hangt samen met de uitheemse herkomst van de aangeplante coniferen en de relatief soortenarme ondergroei in sommige naaldbossen. De meest aangeplante naaldboom is de grove den. Deze wordt in Nederland pas sinds twee eeuwen op grote schaal aangeplant. De zwarte den, fijnspar en Europese lariks zijn afkomstig uit Centraal-Europa, tot op enige honderden kilometers van de grens. Douglasspar en sitkaspar zijn Noord-Amerikaanse soorten. Deze bomen zijn aangeplant voor de houtproductie, als ontginning van woeste grond en als werkverschaffing. Later werd de functie voor de recreatie en natuurbeleving steeds belangrijker.

Echter, ook de meeste loofbossen in Nederland zijn van oorsprong aangeplant. Hierbij is op grote schaal plantmateriaal betrokken uit het buitenland: meestal Oost-, Centraal- of Zuid-Europa. Zo bezien zijn heel wat loofbossen ook beplant met exoten, al zien we dat minder duidelijk, doordat de meeste soorten loofbomen oorspronkelijk wel wild in Nederland voorkomen.

Naaldbossen vormen een door de mens geschapen en in stand gehouden biotoop. Dit hebben ze gemeen met talrijke andere biotopen als heide, bloemrijk hooiland, wegbermen, landgoederen en loofbossen.

Recreanten houden wel van naaldbossen, de harsige geur, het ruisen van de wind door de naalden, het groen in de doodse wintertijd, de kruisbekken en kuifmeesjes. Dit alles vormt een mooi contrast met de loofbossen en andere landschappen.

Muizenstaartzwam
De schimmels vervullen verschillende ecologische functies in het bos. De meeste van de honderden soorten paddenstoelen van het bos leven op dode delen van de bomen zoals hout, schors, takken, naaldenstrooisel of kegels. Op dennenkegels groeien bijvoorbeeld de oorlepelzwam en de muizenstaartzwam, op sparrenkegels groeit de sparrenkegelzwam.

Een groot aantal soorten paddenstoelen groeit in symbiose met bomen. De toppen van de boomwortels zijn hierbij intensief vergroeid met schimmelweefsel. De schimmel levert water met voedingstoffen uit de bodem aan de boom, veel efficiënter dan de boom zonder schimmel kan. De schimmel neemt in de wortel suikers op die de boom heeft geproduceerd. Ook hier gaat het om vele soorten. Sommige zijn gebonden aan één enkele waardboom, zoals de slijmige spijkerzwam aan de fijnspar, andere groeien bij verschillende soorten naaldbomen bijvoorbeeld de levermelkzwam, en weer andere kunnen zowel bij loof- als naaldbomen groeien, bijvoorbeeld de geschubde fopzwam.

De derde groep zijn de parasieten. Zij leven ten koste van de bomen en laten deze dikwijls uiteindelijk afsterven, al kan dat proces jaren duren. Voorbeelden zijn de dennenvoetzwam en de grote sponszwam. Het aantal soorten met een parasitische leefwijze is vrij klein.

Schimmels bevolken de naaldbossen in grote aantallen. Ze zijn daar spontaan, op eigen kracht en op natuurlijke wijze gaan groeien en behoren daardoor tot de inheemse paddenstoelenflora. Van alle circa 4400 soorten schimmels met gemakkelijk zichtbare vruchtlichamen die in Nederland voorkomen, zijn er 475 (11 procent) vooral of uitsluitend in naaldbos te vinden. Gemakkelijk hebben ze het niet, 70 procent van deze soorten staat op de Rode Lijst en van alle Nederlandse bostypen zijn uit naaldbossen de meeste paddenstoelsoorten uitgestorven. De voornaamste oorzaken zijn de grote gevoeligheid van veel soorten voor bemestende verontreiniging door stikstofdepositie en het verdwijnen van naaldbossen. Nog een twintigtal andere soorten zijn gebonden aan brandplekken in naaldbossen, zoals de oliebolzwam.

Loofbos en naaldbos op arme zandgrond herbergen ongeveer dezelfde aantallen soorten paddenstoelen, maar het zijn wel grotendeels verschillende soorten. Hieruit volgt dat het naast elkaar bestaan van beide bostypen in hoge mate bijdraagt aan de biodiversiteit op landschapsschaal.

De waarde van een gebied voor paddenstoelen is natuurlijk het beste te bepalen door ze ‘gewoon’ op te zoeken. Maar de ervaring leert dat naaldbossen of gedeelten ervan vaak extra waardevol zijn als ze een of meer van de volgende eigenschappen hebben: extreem voedselarm (stuif)zand, kalk-, klei- of leemhoudende bodem, dunne strooisel- en humuslaag, spaarzame of ontbrekende kruidachtige vegetatie, bos- en schelpenpaden, hellingen en bosranden, heel oude bossen met groot dood hout, heel jonge bossen op schrale bodem. Relatief arm aan paddenstoelen zijn doorgaans: bemeste bossen, bossen met bramen, varens, veel Amerikaanse vogelkers, bossen met sitkaspar, douglasspar en andere Noord-Amerikaanse naaldbomen.

Aan de hand van deze kennis moet het mogelijk zijn bij het opstellen van beheerplannen en uitvoering daarvan rekening te houden met de paddenstoelen. Door zonder onderzoek vooraf waardevolle naaldbossen om te vormen worden bijbehorende paddenstoelen vernietigd, die ongekend en onbemind verdwijnen. De brochure ‘Naaldbossen in Nederland’ geeft achtergrondinformatie over herkenning van waardevolle naaldbossen en tips voor beheer, vanuit het gezichtspunt van de paddenstoelenliefhebber. En wie is dat niet?

De brochure is te bestellen via http://www.mycologen.nl